|
2011; 19 februari
tot 12 maart, in het Auditorium van het Museum Joure:
Al-Mutanabbi
Street Project
Een tentoonstelling van een internationale
groep kunstenaars werkend binnen één thema, met
een algemeen humane verbreding van dat thema aangevuld met litho's
van RIK LINA, etsen van DARINA
PEEVA en mixed media van JOSEPH
J. VISSER
Abul Tayyeb al-Mutanabbi
(915-965)
(in de vertaling van
Joseph J. Visser ©):
"De
woestijn kent: nacht en ruiter; als ik hen:
strijdveld en zwaard
- schrijfblad en stift."
Abul Tayyeb 'al-Mutanabbi'
('die beweert Propheet te zijn') wordt gerekend tot de
invloedrijkste dichters in de Arabische taal; hij is zeker de
meest geciteerde. Zijn poëzie is zeer doorwrocht, enigermate
gekunsteld, maar vooral zeer trots; kenmerk is de rhetoriek die
vol is van onnavolgbare metaforen. Van hem wordt gezegd dat hij
zich als zoon van een waterdrager liet voorstaan op een afkomst
als telg uit een eeuwen oud Zuid-Arabisch geslacht; hij leefde
en studeerde enige tijd onder de Bedouïnen. Na de revolte
van 932 in Syrië volgde een gevangenschap, waarna hij vanaf
935 als reizend dichter voorttrok onder verschillende, niet altijd
gelukkige, bescherming; ondermeer van Abu al-Misk Kafur wiens
genade hij verspeelde door al te grappige satire. Trekkend door
Egypte, en Iran werd hij uiteindelijk terug in Iraq bij Bagdad
vermoord.
Zijn grootste verdienste is de uitermate sterke muzikaliteit
van zijn dichterschap, een muzikaliteit die een poëzie-stijl
deed ontwikkelen tot in de 19de eeuw waarin taalkunde (soms zelfs
totaal) ondergeschikt werd gemaakt aan de klank - wat overigens
erg veel misverstanden teweeg heeft gebracht waar het de betekenis
betreft van erg veel, en zeer belangrijke, Arabische teksten
- zo is het nogal gewaagd te beweren dat je 'weet wat er geschreven
staat'; en dat zelfs zonder het over de betekenis te hebben.
Het is deze dichter die geëerd
werd met vernoeming van een straat in Bagdad, waarin zich in de loop der eeuwen
de boekhandel heeft geconcentreerd. Op 5 maart 2007 ontplofte
hier een autobom, waarbij rond de 30 mensen omkwamen en meer
dan honderd zwaar gewond raakten. Een belangrijk deel van de
boekhandels werd vernield en daarmee de culturele ziel van de
stad, of zelfs het land waarin velen gehecht waren aan de hoop
die deze strohalm, deze oase van cultuur, voor hen vertegenwoordigde.
In een internationale reactie,
indachtig Heinrich Heine's: "Waar men boeken verbrandt,
verbrandt men uiteindelijk ook mensen.", bracht boekhandelaar
en dichter Beau Beausoleil vanuit San Francisco een groep van
rond 150 kunstenaars tot het maken van pamfletten met betrekking
tot dit drama.
Deze kunstenaars nu hebben
in hun werk veelal het gebeuren breder getrokken; van uit de
perspectief van de terreurdaad tegenover de binnenlandse ontwikkelingen
in Iraq is de lijn te bespeuren naar het machteloos, maar niet
minder vernietigend, internationaal oorlogsgeweld dat, onder
het mom van bevrijding, deel is geworden van de ononderbroken
stroom van bloedschande die al zo vele duizende jaren door het
gebied trekt en waarin Abul Tayyeb al-Mutanabbi naast een groot
dichter ook icoon is geworden voor de niet aflatende golvende
moordpartijen met (op z'n minst) twijfelachtige motieven
|