![]() ![]() ![]() in het Fries Grafisch Museum Joure.
"Zo zat de beukenboom
tegenover het atelier vorige week vol luizen. Die bewegen als
een gordijn van stipjes met de wind heen en weer. Ze trekken
een kant op en komen weer terug. Dat is een mooi gegeven. "Ik houd van bomen. Ze maken het landschap. Als een boom wordt omgehakt, zoals de lindeboom in onze straat omdat die honingdauw op auto's achterlaat, maakt me dat kwaad en droevig."
Henk Tichelaar, een kunstenaar die zijn lyrische rijkdom vooral vindt in de gewassen grafiek, werkt vanuit 'T Boshuis, de ateliers in de voormalige werkschuren van Staats Bosbeheer in Ommen, die hij deelt met zijn vrouw en beeldhouwster Irma Horstman. ![]() In 2000 werd hem op de 211de editie van de Salon te Parijs de Prix de la Société Française de Gravure uitgereikt voor de droge naalden: 'Jeu' uit 1996, 'Été' en 'Hivèr' beide uit 1998. Een bekroning van een gestaag werkproces dat zich voornamelijk in Nederland voltrekt om getoond te worden in Duitsland, Frankrijk, Finland, Portugal, Hongarije, Amerika, Japan, en uiteraard ook Nederland. ![]() Zo'n lijstje verre namen is vooral een tegenstelling. Een tegenstelling ten opzichte van de uiterste, spontane, intimiteit van zijn direct bij het hart gehouden werk. Op geen enkele wijze is dit werk bezig zich te meten met de internationale main-stream art. Het is gemaakt in de taal van het opschrijfboekje van de wandelaar en fietser, die van en naar zijn dagelijks werk even zijn wereld overpeinst en even stilstaat bij de ontroering. "Net zoals ik door het bos loop, af en toe vallen dingen op en wacht je even" ![]()
|