2011; 9 april - 7 mei
'Poëzie van
bescherming en geborgenheid'
Adrea Lange, Kalenders, Boeken, illustraties en vrije Grafiek.
Andrea Lange werd in 1970 in Dresden
geboren. In 1998 behaalde zij haar diploma op het gebied van
de grafiek en de illustratie, om in 2000 haar meester-studie
af te ronden aan de Hochschule für Grafik und Buchkunst
in Leipzig - een in Europa hoog aangeschreven instituut op dit,
in zo belangrijke mate zeker ook ambachtelijke, terrein van de
kunsten.
In 1998 vestigt zij met Bettina Haller
en Birgit Reichert de ondertussen in hoog aanzien staande 'Sonnenberg
Presse'; ze nemen deel aan vele internationale grafiekmanifestaties
waarbij vrijwel altijd 'Het Boek' een belangrijke rol speelt.
Elk van hen ontwikkelt een heel zelfstandige, en uiterst individuele
psychologie in en met haar uitdrukkingsvorm, die voortdurend
en soepel ontwikkelt in de samenhang met vaak oog in oog contact,
of is daar beter 'ziel tot ziel beroering', met de auteurs waarmee
ze werken.
Andrea, met vaak het grotere gebaar, tast
daarbij naar de bescherming die 'de ander' wordt gevraagd te
schenken, terwijl haar analyses genadeloos zijn - als weegschaal
aan het vertrouwen voorafgaand om die bescherming te doorzoeken
naar de wezenlijke capaciteit tot geborgenheid; ze spaart de
ander noch zichzelf - zoekt niet naar verfraaiïng, maar
naar waarachtigheid.
Haar, aldus 'het oog' van de kunstenaar, is
het wederkerig oog en meer dan dat ook het oog waarmee ze de
toeschouwer tot het diepst - en dan al gauw beschaamd - naar
binnen laat kijken, naar hoe zij ziet bekeken te zijn, wanneer
ze het visuele avontuur van de psychologische analyse als een
evenwichtskunstenaar aangaat met de middelen van het contrapunt
van vorm en tegenvorm. Met voortreffelijke kennis van de middelen
uit het ambacht blijft naast de harde contour even een sliertje
staan dat de ruimte intiemer en daardoor de voorstellings-ervaring
intenser maakt voor wie naar binnen is gesleurd. Als welhaast
bij de17de eeuwse schilder doemen de figuren op als deel van
het ruimtelijk lichaam waarin ze zich bewegen en dat tegelijk
achtergrond als kleed is, licht of verlichte naaktheid. De onverbrekelijkheid
van vormen maakt de onverbrekelijkheid van de relatie die de
afgebeeldenen met elkaar, en zichzelf, zijn aangegaan; de beschermden
even kwetsbaar overigens als de onbeschermden terwijl hun gebaren
vrijwel altijd elkaar ondersteunen.
Vaak zijn de relaties kwetsbaarder nog door
de algehele steund die de vormen van elkaar krijgen en waarzonder
hun lyrisch verhaal geen bestaansrecht meer kan hebben.
Andrea Lange zoekt haar kleurstellingen in
de perfecte contrasten, als geleerd Duits expressioniste; om
vervolgens het principe van ton sûr ton, als een Japanse
houtsnede drukker (het was in Japan nooit de snijder van de prent
die ook de kleur bepaalde voor de drukker) de kleurvorm te bepalen.
Terwijl haar voorstellingen van een liefdevolle schuchterheid
getuigen, wanneer we door hun schijnbare beschermlaag heen hebben
durven kijken, snijdt ze de vormen met een krachtige directheid.
Daarbij werkend met opvallend kundig raffinement in de afwisseling
tussen krachtige en zuiver geformuleerde lijn tegenover schetsmatige
brokkeligheid en vervagend splinterende randen. Soms is er materieel
- en psychisch ruimtelijk nog een tweede plan dat ze met een
pure messnede maakt tot een ijle werkelijkheid die vooral in
de kleurvlakken (bijna gesneden als verloren vorm) tot een gave
atmosferische onstoffelijkheid die nauwelijks nog tot de gebruikelijke
snijtechnieken behoort, maar er vakmatig zeer bedreven deel van
is gemaakt.
In de dircte samenwerking met auteurs, zoals
ze die bijvoorbeeld aan is gegaan in Speyer, waar juist daarvoor
gelegenheid gemaakt is en waarvoor ook daar de kunstenaars worden
uitgenodigd die dat aan kunnen,
komt ze tot buitengewoon
lyrische bladen, die met grote souplesse de tekst meevormen tot
beteknissen die ver voorbij een individuele zeggingskracht liggen,
waarmee ze bewijst een meester-illustrator te zijn die haar persoonlijke
inbreng niet slechts 'ten dienste' stelt, maar die ook aanbiedt
als mogelijke verrijking voor de ander en het andere medium.


Opmerkelijk is zeker het beeldgebruik van
de handen in de prenten van Andrea Lange; zijn ze soms gewoon
niet aanwezig in zelfs 'driekwart figuren', soms zijn ze grote
vlakken die in de compositie vooral de opening scheppen waarin
de feitelijke gebeurtenis, afgeschermd maar, in geconcentreerd
licht optisch naar voren wordt geschoven. Prachtig zijn de geheel
zelfstandige handen of handenparen die, zelfs wel geheel transparant,
als helpende dragers de kwetsbare figuren, mede, leiden en ondersteunen.
|